maandag 28 april 2014


Gerrit ten Berge, Stap voor stap: de weg van Jezus gaan. Ark Media,2014,  € 19,95

 

Vorig jaar kreeg ik dit boek zo kort voor Pasen in handen dat ik het niet meer voor K&S kon bespreken. Dus heb ik het maar tot dit jaar laten liggen.

De auteur heeft al heel wat boeken geschreven. Hij geeft les op een school in IJsselmuiden en is waarschijnlijk lid van de Gereformeerde Bond, want hij ontwikkelt catechesemateriaal voor de H(ervormd) G(ereformeerde J(eugd) B(ond). Dat is ook wel te merken, want in dit boek valt een heel zwaar accent op zonde en schuld.

Het mooiste in dit boek zijn de illustraties van zijn twee kinderen. De auteur heeft zich laten inspireren door de kruisstaties in de R.-K. Kerk, houdt zich aan het getal 14, maar in de Epiloog, 15, komt de opstanding ter sprake. Hij begint wat eerder dan de kruisstaties, namelijk bij Jezus’ aanzegging van zijn lijden en sterven in Matth. 16. Bijbelgedeelten vormen het uitgangspunt van zijn meditaties. Hij plaatst dze in de vertaling van de NBV, die alle dubbel gelaagde begrippen heeft weg vertaald.

Bijbels-theologisch valt er nogal wat aan te merken op dit boek. Matth. 17,1 1 heeft een tijdsaanduiding. Maar Ten Berge stelt zich en ons niet de vraag: ‘Zes dagen waarna’? Nergens in het voorafgaande staat een tijdsaanduiding. Lucas 9,28 vermeldt acht dagen “na deze woorden”, namelijk de belijdenis van Petrus. Er staan interessante mogelijkheden tot verklaring op internet, maar nogmaals: voor Ten berge was dit geen vraag. Het kruiswoord: “Het is volbracht!”brengt hij niet in verband met Ps. 22, 32, terwijl dit toch zo voor de hand ligt.

Op p. 35 poneert Ten Berge dat de honderden geboden door de “godsdienstleraren” bedacht zijn. Hij had beter kunnen schrijven dat de schriftgeleerden die uit Tora hebben gedestilleerd. Ook schrijft hij dat de Joden geen doodvonnis mochten vellen, maar ik lees dit eigenlijk nergens in de evangeliën. Stefanus is wel degelijk ter door veroordeeld en gestenigd zonder tussenkomst van de Romeinen. Dat volgens de evangelisten Jezus naar Pilatus is gebracht, zou ook te maken kunnen hebben met de anti-judaïstische beschuldiging als zou de dood van Jezus aan ‘de’ Joden te wijten zijn. Wat Ten Berge op p. 87 schrijft, gaat trouwens wel heel ver. Hij komt daar heel dicht in de buurt van juist dit gegeven, de Joden zouden door Jezus te hebben gedood alle latere ellende over zich hebben uitgestort. Dat Pilatus Jezus weer zou hebben overgeleverd aan de Joden (p. 82) past in deze bewering, maar klopt van geen kant.

Ten Berge legt een heel zwaar accent op zonde en schuld. Kort samengevat: Jezus’ lijden en sterven had tot doel de zonden van de mensen te verzoenen. Andere theologische opvattingen kent hij niet. Hij legt ook zwaar de nadruk op persoonlijke beleving met vragen als: “Ken jij trouwens die ervaring ook? Dat het soms even voelt alsof de hemel op aarde is gekomen?” Volgen nog drie belevingsvragen achter elkaar.

Ik zou nog veel meer kunnen schrijven, maar de plaatsruimte belet mij dit weer. Daarom tot slot: dit is niet mijn religie.

 

vrijdag 18 april 2014


Bettine Siertsema (red.), De verhalen rond de aartsvaders, Kok, Kampen, 1995


 U moet het me maar niet kwalijk nemen dat ik soms een oud(er) boek kies. Ik heb nogal wat boeken in mijn kast staan, die ik kocht om ze te lezen, maar die bleven liggen, omdat andere zaken of boeken voorgingen. Dat wil niet zeggen dat ze niet de moeite waard zijn. Dit blijkt ook weer uit de bovenstaande titel. Die verhalen worden besproken, niet voor de vuist weg, maar nauwgezet en na zorgvuldig lezen en vertalen. Dat is de enige manier waarop je de christelijke traditie kunt voortzetten. In je kindertijd worden je de verhalen verteld, als je ouder wordt, komen de vragen. Je kunt er zo een aantal noemen.
Ik noem een aantal voorbeelden:
Abraham en Sodom: is God inderdaad een God die mensen verdelgt als ongedierte?
De binding van Isaak (Aqedat Jitschaq): wat heeft God ermee voor een mens, een vader, zo te kwellen? (Sara blijft in het hele verhaal uit zicht, ook al iets vreemds.)
Jakob aan de Jabbok: met wie vecht hij nu eigenlijk?
Jakob en Esau: Wat heeft Jakob mee, dat hij ondanks zijn bedrog zo bevoordeeld wordt?
Juda en Tamar: Wat heeft het voor zin om zo’n scabreus verhaal in een boek over God en mensen op te nemen?

Een keur van schrijvers exegetiseert de verhalen en gaat hierbij de moeilijke vragen niet uit de weg. In het totaal worden negen verhalen besproken, waarbij de binding van Isaak drie keer door even zoveel auteurs wordt behandeld. Er zijn boekenkasten vol geschreven over dit onderwerp, zoekend en tastend proberen de auteurs verder te komen en het laatste woord is er niet over gezegd, ook niet in dit boek. Dit zal ook wel nooit gebeuren.
Een verklaring van de boven genoemde vragen komt er niet altijd. Als dit niet gebeurt, is het verhaal met een andere verkondiging verteld. Als wij vanuit de eenentwintigste eeuw de vraag naar de toornende God stellen, moeten wij bedenken dat dit verhaal in een andere Sitz im Leben is verteld. Hier staat de toekomst centraal, Sara wordt een zoon beloofd, voor Lot is er een weg door de catastrofe heen naar een nieuwe toekomst. Dat zijn dochters op een wat incestueuze wijze hierbij worden ingeschakeld, slaat Karel Deurloo, de exegeet van dit verhaal, niet over. Hij erkent in een voetnoot dat dit aanstotelijk is, maar dat hun gedrag de weg naar een nieuwe toekomst opent. Hij besluit als vader van twee dochters met onderkoelde humor als volgt: “Zeker, ook dat is geen verhaal dat wil aanmoedigen tot aktuele praktische toepassing.”
In de maand april overleed Rudolf Boon. Hij is een van de auteurs die voor het verhaal van Abraham en Isaak zijn ingeschakeld. Ik besprak zijn laatste boek in deze rubriek, Ons cultureel draagvlak. Een prachtig betoog dat getuigt van een brede kennis van cultuur en religie. Ik vroeg hem naar aanleiding van dit boek naar zijn kaartsysteem, dat moest wel immens groot zijn, veronderstelde ik. Nee, hij had er geen. Dat impliceerde dat hij een ontzagwekkende hoeveelheid kennis in zijn geheugen had opgeslagen. Ook als je wilt citeren, moet je weten in welk boek en op welke pagina je de gezochte passage kunt vinden. “Jammer, dat al die kennis nu verloren is gegaan,” zei een ander lid van Atomium mij. Hij kwam er nog wel eens tot voor een paar jaar geleden. Een fragiele, breekbare man, maar uiterst alert en helder.
Hij besprak in dit artikel het bindingsverhaal in de christelijke en de Joodse geloofsreflectie. Albert van der Heide besluit zijn bespreking van dit verhaal als volgt: “In tijden waarin men het martelaarschap kon ervaren als iets waaraan, ondanks alle leed en pijn, uiteindelijk een zin kon worden toegeschreven, was dit voorbeeld van de aartsvaders een bron van troost. Maar ook in een tijd waarin de zin van het martelaarschap velen ontgaat en het leed niet als zinvol wordt ervaren wanneer het martelaarschap wordt genoemd, lijkt de kracht van het verhaal nog niet uitgeput.”
Juda en Tamar. Thuis werd het verhaal aan tafel niet gelezen, maar in de kerk las ik dit  en andere erotische Bijbelgedeelten tijdens de slaapverwekkende preken met rode oortjes. Juda heeft bij de verdwijning van Jozef geen fraaie rol gespeeld. Maar in dit verhaal blijkt hij tot inzicht te zijn gekomen. Als zijn schoondochter hem op deze schokkende wijze confronteert met zijn niet ingeloste beloften, wordt hij niet kwaad, maar erkent hij openlijk dat zij gelijk heeft. Juda is bekeerd, hij belijdt en herkent de rechtvaardigheid van Tamar en hij leert van haar handelwijze. Anders dan bij Jozef het geval was, komt hij voor Benjamin, nu de oogappel van vader Jakob, op en wil hij diens plaats in de gevangenis innemen.  Nette Falkenburg exegetiseert zo dit voor mij als kind zo scabreuze verhaal.
De rest moet ik u onthouden. De ruimte is gevuld. U houdt nu zelf nog wat te lezen over. Veel genoegen ermee!

Wim Kleisen

donderdag 10 april 2014

Drewermann, Eugen, Als de goden sterren waren…


De auteur, theoloog en psychotherapeut, heeft zich een indrukwekkende hoeveelheid kennis op het gebied van kosmologie en natuurwetenschap verworven. Daarvan geeft hij blijk in de eerste 100 bladzijden van dit boek. Daarna komt de vraag naar de religie aan de orde. Daarbij plaatst hij belangwekkende opmerkingen. God is volgens hem binnen dit wetenschappelijke kader niet te bewijzen. De gehele traditionele christelijke voorstellingswereld is niet vol te houden. Maar met het evangelie van Johannes wordt de menselijke vraag naar religie en zijn ervaring van liefde reëel. Die ervaring wordt in het absolute gesteld en de liefde wordt als God benoemd. Toch de wereld als schepping opvatten is mogelijk door het op te vatten als een vorm van vermenselijking van ons bestaan als mensen. De auteur wil God niet bewijzen, maar als existentiële ervaring van liefde aan de orde stellen. Elke poging om een theodicee te formuleren wijst hij resoluut af. Dit boek is een uitdaging om het christelijk geloof een nieuwe inhoud te geven. In het gesprek over wetenschap en geloven kun je niet om dit boek heen.

 

woensdag 2 april 2014

Dr. S.D Post, Duivels dichtbij


 

In J. Israel, Radicale Verlichting komt een hoofdstuk voor: De dood van de duivel. Dit gevoelen is voor de auteur niet weggelegd. Integendeel: de duivel is een levende kracht in deze wereld en probeert onophoudelijk onder de gelovigen twijfel en ongeloof te zaaien om zo hun zielen in het verderf te kunnen storten. In een uitvoerig betoog schildert Post hoe de duivel in de Bijbel zijn werk verricht, waarbij opvalt dat hij de visioenen in Openbaring als historische werkelijkheid ziet. Ook in onze wereld komt de duivel voor en doet hij zijn verderfelijke werk. Je krijgt de indruk dat in de Gereformeerde Gemeenten, waarin de auteur predikant is, de Verlichting niet onderkend is ofwel dat de Verlichting aan dit kerkgenootschap voorbij is gegaan. Hoewel de duivel zijn werk doet, past dit toch in het raam van Gods heilsgeschiedenis. Toch is de vraag of God dan het kwaad toelaat, geen probleem voor de auteur. Hij ontkent dit. Dit boek is uitgegeven in een serie Jongerenperspectief. Triest geloof waarin de angst een haast alles bepalende rol speelt. Ik ben ongetwijfeld door de duivel verleid tot het schrijven van deze beoordeling. Dit boek zal haast alleen in het kerkgenootschap van de auteur gelezen worden.

donderdag 27 maart 2014


Bart Voorsluis (red.), Ongekend nieuwsgierig

 
Tijdens een symposium van de VU zijn er vier referaten voorgedragen over het thema zingeving en wetenschap. Zingeving en religie worden daarbij als tweeëenheid beschouwd. Voorsluis kadert in een inleiding het thema historisch en inhoudelijk in. Tony Tol geeft een helder overzicht van de manier waarop in het verleden over wetenschap en geloven is gedacht. Herman van Praag beschrijft in een persoonlijke beschouwing hoe hij een boedelscheiding tussen zijn wetenschapsbeoefening en zijn joodse levenswijze in acht neemt, al zijn er open lijnen tussen die twee aanwezig. Ronald Meester beschrijft juist hoe zowel zijn wetenschapsbeoefening als zijn persoonlijke leven, doortrokken zijn van religie en zingeving. Niet alles is meetbaar, bijvoorbeeld de liefde voor je kinderen, zo betoogt hij. Taede Smedes constateert in een boeiend betoog dat er in het denken over God categoriefouten worden gemaakt. Wie hem als oorzaak ziet van gebeurtenissen in onze werkelijkheid, betrekt hem binnen onze werkelijkheid en dat is onmogelijk. God is van een andere categorie. Zo is een prachtig boekje ontstaan waarin de problematiek ervan historisch en actueel op genuanceerde wijze benaderd worden.
 

woensdag 19 maart 2014



Chaim Potok, In the Beginning

De hoofdpersoon is David Lurie, in het begin van het boek nog maar een kleuter. Zijn vader heeft in Polen militaire ervaring opgedaan in de gewapende strijd tegen de Russen, heeft vervolgens een verzetsgroep opgericht die in het geweer kwam bij pogroms en heeft daarna de hele groep overgeplant in Amerika, waar zij een hechte gemeenschap vormen. David is naar zijn oom David genoemd, met wie zijn moeder verloofd was. David is bij een pogrom vermoord. Zijn vader, de broer van David, ging met zijn moeder een zwagerhuwelijk aan. We volgen het gezin door de jaren heen. In de crisis verarmt het gezin en ook de financiën van de verzetsgroep zijn verdwenen. De groep valt uit elkaar. David krijgt te maken met antisemitisme, zowel individueel als collectief. Een tot nu toe voor mij onbekende naam is die van Father Coughlin, een rooms-katholieke priester die met zijn blad Social Justice veel kwaad heeft aangericht. Na de crisis gaat zijn vader horloges repareren; deze activiteit loopt uit op een bloeiende horlogezaak. Na de oorlog blijkt de hele Europese familie te zijn uitgeroeid. Zijn moeder herstelt zich niet meer van die schok. David gaat naar de yeshiva en lijkt voorbestemd net als zijn neef Saul rabbijn te worden. Hij is een briljant Talmoedstudent en zijn leermeester, de beroemde Rav Sharfman, heeft hoge verwachtingen van hem. Maar hij leest ook andere boeken dan de klassieke Talmoedische geschriften en uiteindelijk kiest hij voor de studie Bijbelse theologie aan een niet-joodse universiteit. Met die keus wekt hij veel onbegrip. Een prachtig boek dat ons een blik gunt in de besloten wereld van het orthodoxe jodendom in de USA.

donderdag 13 maart 2014



Elie Wiesel, Mijn liefde voor de Talmoed


Zeshonderd jaar lang, vanaf de profeet Ezra, hebben de wijzen van Israël de wegwijzing van Mozes in de vijf boeken doordacht en van commentaar voorzien. Als resultaat daarvan ontstonden na de Talmoed de Misjna en de Gemara. Alle terreinen van het leven komen aan de orde in deze compilatie. Tot nu toe wordt deze wijsheid bestudeerd en vernieuwd. Wiesel beschrijft met grote liefde de wijzen uit deze vijf of zes eeuwen. Hij probeert hun woorden en daden, de verhalen die over hen zijn opgeschreven, te begrijpen en zo tot deze wijzen door te dringen. Niets menselijks was hen vreemd. Wiesel brengt de Talmoedgeleerden tot leven in dit boeiend geschreven boek, als waren het tijdgenoten. Zelfs Jezus van Nazareth komt aan de orde. Wie dit boek leest, neemt het beste van het jodendom tot zich en zal geïnteresseerd raken in de inhoud van de Talmoed, dit collectieve religieuze geheugen van het jodendom. Dit effect wordt versterkt door de indringende en heldere stijl van Wiesel. Zo wordt dit boek een prachtig eerbetoon aan de vroege exegeten van het jodendom. Het is een herdruk van Talmoedisch eerbetoon. Portretten en legenden van leermeesters van Israël (1994)